woensdag 18 mei 2011
Het Grote Ubuntu avontuur Dag #1
Al met al komt het allemaal snel bij elkaar. Morgen wil ik DLNA tackelen maar daarvoor moet ik eerst wat inlezen over miniDLNA.Ik moet immers wel audio en video naar mijn TV kunnen streamen via het netwerk. :P
Het Grote Ubuntu avontuur
het knaagde al langer aan mij, de gedachte om gewoon eens 30 dagen alleen maar Ubuntu te draaien in mijn huis. Weg van Windows, iets wat ik enkel voor de computerspellen erop houd. Gisteren ging de kogel door de kerk, plotseling MOEST het van mijzelf. Zo ben ik wel vaker, als ik iets wil voor mijzelf dan MOET het vanzelf op een gegeven moment.
Dus gisteravond ben ik begonnen met mijn Ubuntu only. Windows 7 had mijn eerste Ubuntu DVD verknalt waardoor de installatie van 11.04 niet lukte. Alleen maar een teken dat ik van Windows af moest. Na Ubuntu 10.04 te installeren en te upgraden kun ik als nog van slag met 11.04.
De Unity interface is nieuw voor me, maar ik heb genoeg ervaring om te weten hoe en wat en in een minuutje wist ik het fijne ervan. Ik kijk uit naar de rest van de dagen en houd jullie op de hoogte!
zondag 9 mei 2010
Politiek: Met vallen en opstaan
Wouter Bos voelde waarschijnlijk aan dat het Nederlandse volk een dergelijke goedkeuring van verlening niet zou bevallen en het kabinet hierop sterk zou beoordelen. Balkenende echter zag het wat bredere beeld, een goed voetje bij de NATO en de mensen in Afghanistan. Persoonlijk gesproken weet ik niet wie ik het meeste gelijk moet geven. Ik vind dat wij als Nederland al behoorlijk veel internationaal hebben gedaan. Ik gun het de mensen in Afghanistan wel hoor, maar er is een dunne lijn tussen misbruik door de NATO en steun verlenen voor de NATO.
Het conflict was hoe dan ook voldoende om het laatste Balkenende kabinet te laten vallen. Ik vermoed dat Balkenende niet de nieuwe premier wordt en wellicht is dat maar goed ook. Ik had altijd het idee dat de kabinetten van Balkenende wel politieke stabiliteit boden ondanks dat ze vielen maar dat dit ten koste ging van de vrijheden van het volk. Mijn inzicht was dat Stabiliteit en welvaart onder het regiem van Balkenende ten koste ging van persoonlijke vrijheid. Dat het inleveren van persoonlijke vrijheid werd afgekocht met luxe. Maar luxe is geen vervanging voor vrijheid. Ondanks dat ik deze manier van handelen afkeurde en nog steeds afkeur koos ik destijds voor stabiliteit, simpelweg omdat Nederland het na de paarse puinhopen de LPF nodig had.
Ik geloof nog steeds dat Nederland politieke stabiliteit nodig heeft. Vooral nu, met de economische crisis en de opkomst van verschillende politiek twijfelachtig gebeurtenissen. Die crisis komen we met wat concentratie wel te boven, ik beschouw de crisis als hinderlijk maar geen echt serieus probleem. Ik vertrouw op de economie, zelfs na het menselijke gedrag wat diezelfde economie onbetrouwbaar maakte.
Waar ik mij echter enorm aan hekel zijn de onzinpartijen van tegenwoordig. Bijvoorbeeld de partij van de dieren die schijnbaar zelf niet eens goed weet hoe dieren dan wel dienen te worden behandeld. De PVV van Wilders die feitelijk geen echt goede agenda heeft en buiten Wilders geen echt goede politiekers heeft. Beelden van de LPF komen in mij op, hoe de LPF uit elkaar viel kort na de dood van Pim Fortuyn omdat de mensen achter Fortuyn niet goed genoeg waren voor een levensvatbare partij. Met de recente uitval van twee mensen uit de lijst van de PVV krijg ik sterk de neiging om hetzelfde te zeggen van Wilders zijn achterban. Daarnaast stem ik liever niet op mensen wier doortraptheid de mijne evenaart en wel met goede reden.
TROTS, het voormalige ToN van Rita Verdonk lijkt te zijn getorpedeerd nog voordat de verkiezingen daadwerkelijk beginnen. Dit komt voornamelijk door het gestuntel van Verdonk zelf en ik heb het idee dat Rita eigenlijk alleen maar doorzet omdat ze geen verlies kan accepteren of omdat de mensen die voor de financiële input zorgde het verlangen. Jammer, ik zag Rita wel als een kanshebster maar nu zie ik het meer als een hondje wat nog 3000 km moet zwemmen voordat het de kust bereikt.
Zelfs de aankomende piratenpartij, een partij met als belangrijkste speerpunt het aanpakken van het auteursrecht vind ik geen goede partij. Ik ben in principe helemaal voor het standpunt. Ik zie het liefste Brein, Big en de BSA worden opgehangen aan de hoogste galg. Ik weet zeker dat het hoofd van Brein software en muziek op zijn computer heeft staan die dezelfde organisatie als ‘illegaal’ aan merkt. Hypocriet gezeik voor platenbazen ten koste van consument met geen geld naar de daadwerkelijke artiesten. Niemand buiten Brein, de platenbazen en misschien de staat heeft er voordeel bij. Echter, de piratenpartij is een party zonder goede zaken buiten copyright zaken. Ik denk dat er zeker een soort actiegroep moet komen maar geen politieke partij.
HO! STOP!
We komen op een belangrijk punt; NEEN! Sterker nog, HET PUNT! Want waarom zijn er politieke partijen zoals de partij van de dieren en de piratenpartij. Waarom is er onvrede over het kabinet en waarom valt het kabinet Balkenende alweer?
De hele politieke toestand wordt veroorzaakt door een gebrek aan communicatie. Politiek Den Haag loopt aan tegen een fenomeen wat ‘de onzichtbare muur’ kan worden genoemd. Ik heb hier een hypothese over, waarvan ik geen enkel idee heb of deze klopt maar ik wil hem toch lanceren.
Het begint eigenlijk aan met de protesten van de jaren zeventig en tachtig. Op een gegeven moment ontstond er een systeem waarin er protesten werden gevoerd, de overheid ingaf en vervolgens via verschillende kleine wetten alsnog drie jaar later dezelfde wet onder een andere regering er doorheen speelde. Uiteindelijk gaf de regering niet meer echt om de protesten en we zien de regering op huidige protesten bijna niet meer reageren. Feitelijk gesproken leeft politiek Den Haag in een eigen wereld, ze luisteren gewoon niet meer na het volk en in plaats daarvan voeren ze politiek beleid waarin de economie gezond moet blijven en vertrouwen ze erop dat de vruchten van een gezonde economie het volk tevreden stellen. Dit werkte gedurende de hoogtijdagen van de jaren negentig zeer goed. Maar luxe koopt zoals gezegd geen vrijheid af, het vertraagt alleen de werkelijkheid. Luxe doet afleiden maar niet vergeten.
Met de aanslagen van 11 september 2001, de economische crisis veroorzaakt door een overenthousiaste Bush en hebberige zakenmensen is de realiteit hard ingeslagen in zowel de wereld van de burger als de wereld van de Haagse politieke mens. Den Haag doet alles eraan om de financiën rond te krijgen, het economische wiel te laten draaien. Maar in magere tijden willen mensen meer dan geld en luxe, ze willen gerechtigheid. We hebben het dan niet over pure gerechtigheid, maar eerder voldoening in hun woord. De burger wil dat de regering opkijkt en begrip toont voor hun mening, luistert en ingrijpt al is het maar een symbolische ingreep of een ingreep die geen invloed heeft op de economie. De bevolking wil, heel simpel, een dialoog met politiek Den Haag en dat wordt niet gedaan.; de bevolking wordt niet gehoord, groeperingen worden niet gehoord, de stem van het volk wordt niet gehoord. En als ik eerlijk ben wind ik mij een klein beetje op als ik dat zeg. Het gevolg zijn politieke partijen gesticht door mensen die niet worden gehoord. Partijen zoals de PvdD en de piratenpartij. Het gevolg zijn partijen die inspelen op het gebrek van huidig Den Haag, partijen zoals de PVV. Den Haag luistert niet, ze zitten vast in politieke correctheid en de illusie dat het volk tevreden is als ze luxe wordt gevoerd. Nu ben ik niet zo naïef om te denken dat luxe de as van het kwaad is; ik heb graag luxe en vind het fijn als ik dit kan betalen maar het moet niet ten koste gaan van het actie en reactie proces tussen burger en politiek. Naar mijns inzien is er te weinig respons, wat voor nut heeft vrijheid van meningsuiting als niemand naar die mening luistert. Wat ik daarmee wil zeggen is niet dat Den Haag onmiddellijk moet handelen naar al het geklaag en gepraat van de burger, maar ze moeten tenminste moeite doen om te luisteren en niet alleen tijdens de verkiezingen, maar ook erna. Het lijkt erop dat de oude garde te zeer is geroest in hun eigen wereld en in mijn ogen is de nieuwe lichting niet de moeite waard.
Ik vermoed dat ik nog een zware dobber krijg als burger met kiezen. Het zal de minst kwade worden, maar zeker niet de beste want geen van de partijen verdient dat label.
DVD-Review: District 9
Director: Neill Blomkamp
Uitgebracht: 2009
Plot: De film speelt zich af in Johannesburg waar een buitenaards ruimteschip door een epidemie zijn leiders is kwijt geraakt en alleen de arbeiders nog over heeft. De arbeiders worden als subklasse gezien door de mensen en belanden in een soort sloppenwijk genaamd District 9. De hoofdpersoon van de film is een sullig weekhartig persoon die gebruikt wordt door het bedrijf MNU om de aliens over te zetten van District 9 naar een ander kamp buiten Johannesburg. Het plan gaat scheef wanneer de hoofdpersoon wordt geinfecteerd met een buitenaards goedje en zelf begint te muteren. Plotseling bevind de hoofdpersoon zich in een situatie waarbij mensen zijn vijanden zijn en hij zich moet gewennen aan de buitenaardse wezens en hun leven.
Review: De film was verfrissend. Ik zou niet willen zeggen dat het een film was die met kop en schouders boven het maaiveld uit stak maar hij was zeker goed. De CGI van de buitenaardsen was op goed niveau en ze staken totaal niet af met de omgeving. Het gebruik van een gewone camera voor de documantaire beviel me goed en de overgang naar echte CGI film was niet storend. Ik kan me voorstellen dat sommige mensen dit echter wel storen vinden.
De film was soms bijzonder rauw en er werd aardig wat bloed getoond. Gedurende de film wordt duidelijk dat de hoofdpersoon buiten een softie ook een rotzak is die redelijk vaak zijn eigen geweten aan de kant zet voor geld of weer normaal te worden. De insteek van aliens in een derdewereld toestand lijkt ver gezocht maar de makers zijn erin geslaagd deze geloofwaardig te maken.
Als ik in ga op minpunten dan zou ik zeggen dat het lot van de hoofdpersoon je ondanks enkele toch wel schokkende ervaringen niet helemaal weet mee te trekken. Dit komt deels omdat het karakter van de hoofdpersoon soms meelevend is met het lot van de buitenaardsen en soms zelfzuchtig is waardoor je moeilijk een echt standpunt kunt nemen. Het hoort deels bij het plot maar het zorgt ervoor dat je geen echt diep medelijden met de situatie krijgt.
Een ander punt van kritiek is dat de buitenaardsen zware wapens hebben maar deze niet echt actief gebruiken voor verzet. Dit komt door de situatie waarin ze verkeren maar in werkelijke situaties waarin mensen zitten zullen ze zich verzetten ongeacht wat. De aliens doen dit niet maar misschien komt het omdat ze per definitie in de minderheid zijn.
Zelf heb ik de film bekeken op een originele DVD uit de winkel. De extra's zijn niet bijzonder lang maar laten wel duidelijk de insteek zien van de film en geeft een blik achter de schermen. Vooral dat laatste was best aardig om te zien.
Cijfers: 7.5/10
Boekreview: Hackers
ISBN10: 0141000511
Ik moet wat bekennen, iets wat niet echt een groot geheim is namelijk mijn voorliefde voor computers en apparatuur. Ik ben geen ‘nerd’ in die zin dat ik wel een sociaal leven heb en communicatieve vaardigheden. Echter weet ik wel redelijk wat van apparatuur en ik heb in overeenkomst met velen van mijn klasse dat ik steenhard 18 uur wakker ben en zes uur slaap op ongeveer iedere dag van de week.
Naast mijn voorliefde voor het werken met apparatuur is een aardig deel van mijn politieke voorkeur afkomstig van de iets wat heet de ‘hackers ethiek’. De hackers ethiek is dat informatie zoveel mogelijk toegankelijk moet zijn en bijvoorkeur gratis toegankelijk. Goede voorbeelden hiervan zijn Wikipedia en het principe van bijvoorbeeld ‘open source’ software.
Dit boek, geschreven in de engelse taal, gaat over het ontstaan van de hacker cultuur en zijn ondergang. Het begint in de jaren zestig op het MIT en de eerste grote computersystemen van die tijd. Het boek speelt zich voornamelijk af rondom de mensen van het MIT en alter verplaatst het zich naar Californie en Sierra. Gaandeweg wordt duidelijk gemaakt wat de verschillen zijn tussen de generaties hackers. De eerste generatie hackers die wat ontstond in het gesloten laboratorium van het MIT en ten onder gingen aan elitisme. De tweede generatie hackers die voornamelijk hardware hackte en de eerste computers voor de massa in elkaar zetten. Ten slotte komt de derde generatie aan het eind van de jaren zeventig en begin jaren tachtig aan bod welke alleen nog maar software schrijft en uiteindelijk de commercie die het grotendeels over neemt van de hackers.
Het is een interessant boek voor mensen die betrokken zijn met computers of zich afvragen hoe de huiscomputer tot stand is gekomen. Het is ook een goede introductie voor de hackers ethiek en eentje die laat zien dat de nerds van die tijd iets meer pijlen op hun boog hadden dan het beeld wat eind jaren tachtig en negentig door Hollywood is geschetst.
Cijfer: 8*
*Dit cijfer is beoordeeld vanuit het standpunt van iemand die van computers houd. Wegens technisch jargon geef ik het boek voor mensen welke niet van computers houden een 6.
Blog: een nieuw begin
Dikke boeken, onaangeraakt en dof
Het zolderraam klapt plotseling open
Het stof zet het op het lopen
Het is alweer een ruime twee jaar geleden dat ik op mijn blog deed posten. Twee jaar is een lange tijd en er is veel gebeurd; zo woon ik tegenwoordig op mijzelf, kook ik zelf en doe mijn was zelf. Liefde kwam en ging weer zoals dat gaat. Familie verliet mij en de wereld, nieuwe familie begroette de wereld voor de eerste keer. Mijn oude baan werd afgesloten nar 13 lange maar plezierige jaren.
Maar er bleef ook veel hetzelfde; de halsstarrige koppigheid en de eigenzinnige blik. De neiging om nodeloos filosofisch en poëtisch te schrijven en praten. Avonden vullen met het kijken van films, het schrijven van nabeschouwingen en natuurlijk het voorzetten van mijn online leven.
Een tijd lang sprong ik van hop naar haar, mijn leven was turbulent; soms was mijn leven turbulent en soms zat ik weken lang iedere avond op de bank een boek te lezen met een kop koffie. Met het uit elkaar vallen van mijn jongste relatie heb ik besloten weer wat oude gewoontes op te pakken waaronder deze blog uit zijn slop te halen.
Er zullen nieuwe reviews komen, van boeken en films. Nieuwe stukjes proza en overdenkingen. Ook zullen er voor de eerste keer foto’s worden toegevoegd aan mijn blog. Verwacht in ieder geval de komende week een stortvloed van nieuwe topics.
Met vriendelijke groet,
Auredium
donderdag 6 mei 2010
CD-Review: The Prodigy - Invaders must die

vrijdag 29 februari 2008
Schrikkeldagblog
Tijd voor een nieuwe update van mijn blog. Zoals wel te zien valt heb ik een boekreview geplaatst op mijn boek over China. Ik was eigenlijk al wat te lang aan dat boek bezig, ik heb het dus niet in een enkele zucht uitgelezen zoals normaal. Los daarvan heb ik binnenkort APK-keuring wat me weer een rib uit mijn lichaam zal kosten, hoewel mijn oude redelijk het jaar heeft overleefd. Mijn leven gaat redelijk soepel, ook al heb ik wat grote plannen op de ‘iets wat langer dan gepland termijn’ moeten schuiven door een onverwachte tegenslag. Geen ramp, ik stel gewoon alles opnieuw bij.
Mijn laatste blog was van januari en sindsdien is het carnaval geweest. Carnaval was super, met allerhande gespuis zoals clowns, nonnen, cowboys en een verdwaalde toerist. Maar goed, de meeste snappen het wel. Na maandag had ik er wel genoeg van, bovendien kreeg ik tussen de 39,5 en 40 graden koorts gedurende twee dagen maar dat mocht de pret niet drukken. Inmiddels zit ik hier overigens te typen met een verkoudheid, maar ook die is bijna over. Gelukkig zal het beter weer worden en dan zijn mijn ziektes voorbij.
In principe is er niet echt veel slechts of goed gebeurd in de afgelopen maand, op uitzondering van carnaval na dan. Ik zit overigens wel nog wat dingen te plannen op relatief korte termijn en heb nog wat verhalen geschreven. De verhalen staan online op de verhalensite (www.verhalensite.com) maar zullen niet op mijn blog hier komen te staan. Ik ben nog steeds aan het schrijven, maar moet eerst wat zaken in de verhaallijn van mijn nieuwe verhaal op orde zetten. Wellicht dat ik het nieuwe verhaal wel hier online zet als ik vind dat het ver genoeg gevorderd is, en ook de moeite waard is om te lezen voor anderen.
Genoeg gezwamd!
Laters!!!!
donderdag 28 februari 2008
Boekreview: China
Auteur: Edward L. Shaughnessy
ISBN: 978-90-5764-557-0
Een tijd terug heb ik een boek gehaald met de titel China. Ik koos het boek 'China' van Edward L. Shaughnessy omdat het zich handeld over de culturele geschiedenis van een groeiende wereldmacht. Het boek stelde me niet teleur, alhoewel ik toch ook kritieken heb.
Uiterlijk
Het boek is een paperback versie van nog geen 10 euro en beslaat ruim 230 bladzijden. Omdat het paperback is betekend dit dat het geen hardcover boek is, maar het is zo dik dat het goed rechtop kan staan. Pluspunt is dat het boek goede stevige pagina's heeft, iets wat bij veel paperback boeken ontbreekt. Een nadeel van het boek is dat het wellicht wat te rijkelijk is voorzien van foto's en afbeeldingen. Deze illustraties geven een goed idee van Chinese voorwerpen en landschappen maar veel nuttige informatie geven ze niet.
Opbouw
Edward heeft ervoor gekozen om een relatief logische opbouw te volgen. In principe begint hij met de belangrijkste onderdelen zoals de dynastieën en diens opbouw. Hij behandeld vervolgens het geloof van China door de eeuwen en welke rituelen er worden behandeld en uiteindelijk wijd hij zich aan het dagelijks leven en de uitvindingen van China. Op het laatst komt nog een stukje recent verleden van het communisme, maar het is duidelijk dat Edward liever niets behandeld sinds de inval van het imperiale westen in China. Voor sommige wellicht een gemiste kans, maar aan de andere kant valt dit misschien ook wel onder wat te recent verleden en een ander tijdsbestek van de Chinese samenleving.
Inhoud
De inhoud is goed en bondig. Het is geen studieboek, maar een boek voor korte inleidingen. Iedere hoofdstuk bestaat uit onderwerpen van twee bladzijden vaak voorzien van een afbeelding en een extra kader met informatie. Het boek kan worden gelezen van voor naar achteren zoals ik het deed, maar leent zich heel goed als naslagwerk en in op te zoeken.
Het moet gezegd worden dat Edward zich redelijk neutraal weet te houden in zijn standpunt over de Chinese cultuur en geschiedenis, maar af en toe laat Edward zich kennen en blijkt dat hij de cultuur als hoger beschouwt dan andere gelijktijdige culturen. Niet erg, want het blijft binnen de perken en het boek kan dus als relatief neutrale bron worden genomen.
Eigen mening
Het boek leerde mij veel nieuwe dingen over de cultuur en gaf me wat meer inzicht in China. Zeker is dat de Chinese cultuur op zijn minst even oud is als de klassieke Griekse cultuur en wellicht iets ouder en dat veel van onze huidige technologie zijn oorsprong in belangrijke maten vind in China en het verre oosten. Het was een leerzaam boek, het maakte mijn verlangen om China te zien zeker niet minder, maar ook niet echt meer.
Cijfer: 7.5
dinsdag 15 januari 2008
Column: De wereld van morgen
Ik denk altijd dat de mens veel meer naar dergelijke beelden onbewust streeft en zo worden dergelijk voorspellingen leiddraden voor hoe onze toekomst eruit gaat zien. Bedenk maar eens dat ver voordat er echte onderzeeërs waren deze reeds werden voorgesteld. Wensen en toekomstbeelden zijn en zeer belangrijke bron van vooruitgang in deze.
Maar wie had kunnen voorspellen dat tegenwoordig de hele wereld via het internet kan communiceren met elkaar. Dat we allemaal een kastje van nog geen drie bij tien cm op zak hebben waarmee we bijna iedereen kunnen bereiken, we muziek en films op kunnen zien of spellen spelen.
Ik weet nooit wat ik met die troep moet. Ik werk ontzettend veel met apparatuur maar vaak zet ik vraagtekens achter sommige functionaliteiten. Het verbaasd met dan ook telkens weer als ik een bepaalde functionaliteit als onnodig of onpraktisch vind anderen er wel het nut van in zien. Het is natuurlijk wel leuk, een gadget of gimmick te hebben. Vroeger, heel lang geleden bestond er de Gameboy en dan heb ik het over de allereerste Gameboy. Die allereerste gameboy had helemaal geen kleurenscherm, laat staan twee en met touchscreen! Dat waren pas tijden, vier batterijen voor je gameboy. Wilde je een loep met verlichting om het beter te kunnen zien in het duister dan moesten er weer twee batterijen extra in. Harder geluid met extra boxjes, kom maar op met die negen volgt batterij! Al met al had je dus al snel een ding van enig gewicht in je handen.
Als je tegenwoordig kijkt en je zit wat in het wereldje dan weet je het wel. Energiezuinige tocuhscreens die oprolbaar zijn en doorzichtig zijn de toekomst en dat over een jaar of twintig tot dertig. We sturen computers dan met onze gedachten en applicaties zoals MSN zijn verleden tijd want andere mensen kunnen toch gedachtes naar elkaar doorsturen. Het vreemde is dat dit weliswaar toekomstvisie is, maar waarvan nu al eigenlijk duidelijk is dat we het zullen bereiken in deze eeuw en waarschijnlijk in de eerste helft ervan. Het wordt steeds moeilijker om een visie te maken voor de mensheid want wellicht bestaat de mensheid zoals wij die kennen over honderd tot tweehonderd jaar niet meer zoals wij hem kennen. We hebben natuurlijk nog ruimtereizen, maar andere ontwikkelingen zoals aanpassen aan de ruimte, genetische manipulatie en de groei van onze technologie zullen over tijd ons ras zoveel veranderen dat de term ‘homo sapiens sapiens’ wel erg ruim moet worden opgevat.
Laat maar komen die toekomst! Maar goed zo’n vaart zal het allemaal niet lopen en als we het echt goed willen doen als mensheid zullen we toch echt geheel volgens traditie een grote oorlog moeten hebben die de ontwikkeling en integratie van dergelijke nieuwigheden stimuleert. Vraag is natuurlijk of ik überhaupt wel een telepathisch bericht wil ontvangen van andere mensen. Enfin, we kunnen dus wat leuks tegemoet zien, maar eerst nog die nieuwe oorlog!
dinsdag 8 januari 2008
NieuwjaarsColumn: 2007/2008
Het is weer oud en nieuw geweest en zoals te merken viel op mijn blog heb ik het druk gehad. 2007 was voor mij een geweldig jaar waarin een baan en een auto werd gerealiseerd voor mij, ik een hele berg nieuwe vrienden en kennis erbij kreeg en een hoop nieuwe, voornamelijk positieve ervaringen op deed. Ik kijk dan ook 2008 tegemoet met een glimlach.
Ik heb enkele grote plannen voor de toekomst en voor dit jaar klaar staan en ik ga me daar volledig op concentreren. Ik laat natuurlijk niet mijn blog vallen vanzelfsprekend. Ik wil hierbij overigens van de gelegenheid gebruik maken om al mijn lezers een gelukkig en voorspoedig nieuw jaar te wensen. Beter laat dan nooit zeg ik maar.
2007 was voor de wereld een turbulent en zwaar jaar. Veel onrust in de gelederen, zowel ver weg met allerhande, nog steeds slepende oorlogen als dichtbij. Jongeren die relde, mensen die wederom voor niets werden vermoord dalende en stijgende economieën en dure olie. Toch was het geen slecht jaar. Europa doet het nog steeds goed economisch bijvoorbeeld en Frans Bauwer was een tijdje stil omdat hij een operatie aan zijn stembanden had gehad.
Je moet het allemaal weer niet zo zwaarmoedig inzien dus.
Voor dit jaar kijk ik echt uit naar veel globale zaken. De Olympische spelen voor 2008 die in China plaats vinden bijvoorbeeld. Het nieuwe Formule 1 seizoen, het CERN project wat dit jaar dichter bij de realisatie komt.
Natuurlijk de olieprijs zal duurder worden, er zullen weer aanslagen volgen en Frans Bauwer mag dit jaar weer gaan zingen. Maar zo moet je niet tegen het leven aankijken vind ik. Je moet de problemen onderkennen, eventueel mogelijk oplossingen bedenken en uitvoeren en verder gaan. Ik verheug me intussen op warmere dagen, hoewel ik moet dit weer ook niet ontevreden ben. Verwacht binnenkort nog van mij een column of nieuw filosofisch stukje of zo want eigenlijk heb ik zin om weer flink te bloggen.
Nu moet ik alleen nog tijd vinden daarvoor want tijd begint in mijn leven een schaarste te worden. Ik werk veel, en met plezier en doe nog van allerlei zaken langs mijn werk buiten bloggen. Mijn sociale leven neemt veel tijd in beslag, maar ik zou met niemand willen ruilen. Dat ik zoiets kan en durf te zeggen is denk ik wel een teken aan de muur.
Xie jullie,
Auredium Riptide
woensdag 12 december 2007
Verhaal: Project Nova
Wiskunde was niet Sofie’s beste vak, ze vond biologie veel leuker. Ze moest meester Knijpers ook niet, die saaie oude wiskunde leraar legde alles altijd zo langdradig uit.
Sofie sloeg haar schrift en boek dicht, ze had het wel voor gezien, ze zou er vanavond nog wel even aan verder werken. Ze keek uit haar raam en zag dat het minder hard was gaan regenen. Ze liep naar onder toe, deed haar jas aan en pakte een paraplu. “Ik ga naar Margriet toe!” Riep ze naar haar moeder.
Eenmaal buiten viel het haar op dat het best warm was voor het najaar. Sofie hield niet zo van het najaar, het was altijd zo somber. Ze pakte haar fiets en ging ze op weg naar Margriet. Zolang Sofie zich kon herinneren was Margriet al een vriendin van haar. Ze hadden altijd in dezelfde klas gezeten en deden alles samen. Ze was bijna bij Margriet aangekomen toen ze plotseling iets vreemds zag in een klein steegje. Ze stapte van haar fiets af en met zette de fiets neer tegen de muur van het steegje. Voorzichtig liep ze naar het meisje toe. Sofie wilde net vragen wat er aan de hand was toen het meisje haar handen van haar snikkende gezicht af haalde en het hoofd naar Sofie draaide. “Je moet me vinden!” hoorde Sofie in haar hoofd schreeuwen. Plotseling verdween het meisje in een wolk van bloed dat overal tegen de muren en op Sofie spetterde. Schreeuwend en van angst weg rennend verliet Sofie het steegje, maar op straat was het uitgestorven. Ze draaide zich om en keek nog een keer het steegje in en zag toen niets, geen bloed op de muren en zelfs niet op haar kleding. “Heb ik het dan allemaal verbeeld?” Dacht Sofie bij zichzelf.
Geschrokken pakte ze haar fiets en ging ze weer op weg naar Margriet. Plotseling reden er weer auto’s met hun koplampen aan en was er overal weer geluid te horen. Ze moest nog vijf minuten fietsen, dus fietste ze de straat door. Ze sloeg bij de tweede kruising rechtsaf en moest nog twee huizenblokken ver fietsen om bij Margriet te komen. Plotseling was het stil nadat ze had afgeslagen. Geen auto’s en geen mensen, alles straalde een koude leegte uit. De lichten in de huizen waren aan, maar het leek wel alsof er niemand thuis was. Het was gestopt met regenen, maar er waaide nog een koude najaarswind door de straat. Sofie draaide haar fiets om, maar merkte dat achter haar plotseling een grote muur stond waar ze niet langs kon. Ze stapte weer van haar fiets af en liep voorzichtig naar voren. Plotseling verscheen het meisje weer in de verte en liep langzaam naar voren. Vanuit de regenpoelen stegen druppels water op die in de lucht bleven hangen. Sofie keek angstig om haar heen en zag op tien meter afstand een steegje open. Ze stapte op haar fiets en fietste zo hard ze kon door het steegje, tussen de oude dozen en het andere zwerfvuil door. Ze durfde niet achter zich om te kijken, maar voelde dat ze nog steeds gevolgd werd. Na vijf minuten hard fietsen durfde ze eindelijk te stoppen.
Sofie kijkt rond om haar heen en ziet dat ze is beland bij het oude industrieterrein. Sinds de stad een nieuw terrein heeft gekozen zijn veel fabrieken hier gesloten en verhuist naar het andere terrein. Omdat de sloop altijd wat achter lag en het bestemmingsplan van de gemeente nog niet rond was stonden er veel verlaten panden. Sofie wilde hier eigen net zo snel weg en pakte haar fiets weer. Er reden nog wel wat vrachtwagens en auto’s rond ook al was het merendeel van de panden leeg. Sofie merkt plotseling dat het veel donkerder was geworden en keek op haar horloge, het was al half zes!
Snel pakte Sofie haar mobiele telefoon, maar toen ze wilde bellen merkte ze dat ze geen bereik had. Ze hield haar telefoon nog eens wat hoger in de lucht, maar bij het bereik stond nog geen enkel streepje. Sofie ging ervan uit dat het te maken hadden met de fabrieken om haar heen, allemaal die metalen buizen, trappen en kabels stoorde natuurlijk het signaal. Ze zou wel verder fietsen het terrein af en dan belde ze wel even haar ouders op om te vertellen dat ze wat later kwam eten.
Sofie was bijna van het industrieterrein af toen er plotseling bij de kruising van de linker zijweg een vrachtwagen razend snel voorbij reed met de achterzijde in brand. Sofie kon nog net op tijd stoppen. De vrachtwagen reed nog een paar tientallen meters verder voordat deze begon te zwalken, de aanhanger omver kieperde en de vrachtwagen met een harde knal tot stilstand kwam tegen een industrieel pand. Het duurde even voordat Sofie van de schrik was bijgekomen en pas toen viel het haar op dat ze niemand zag toesnellen. “Vreemd” dacht Sofie. Normaal gesproken zouden er nu overal toeschouwers komen. Ze wilde het alarmnummer bellen maar haar telefoon had nog steeds geen bereik. Voorzichtig liep ze naar de vrachtwagen toe, ze kon echter niet controleren of er nog iemand in de vrachtwagen zat. Sofie dacht na over wat ze moest gaan doen. Misschien dat in het industriecomplex nog een telefoon was die ze kon gebruiken. Ze keek rondom zich heen, maar er was niemand te zien. Toen zag ze dat de klap van de vrachtwagen een deur had ontwricht in het complex, met wat moeite wist ze de deur open te forceren. In het bedrijf was het stil, er stonden wat grote machines die leken te zijn gemaakt om conservenblikjes te vullen en dicht te maken. Iets verder door lag een oud kantoortje in de hal. Voorzichtig liep Sofie door naar het kantoor. Ze veegde wat stof weg op een raam en zag een telefoon in het kantoor staan. “Nu maar hopen dat die het doet.” Dacht Sofie. Ze liep naar de deur van het kantoor, de deur zat niet op slot maar zat vast in de deuropening. Sofie zette haar schouder tegen de deur en gaf een fikse duw tegen de deur. De deur gaf niet bij, dus Sofie probeerde het nog een keer. De deur schoot plotseling los en Sofie viel op de stoffige betonnen vloer. Even dacht ze dat ze iets zag verdwijnen vanuit een ooghoek.
Sofie stond op en klopte het stof van haar kleren af. Ze zette een klein bureaulampje aan en pakte de telefoon. “Gelukkig, een kiestoon.” Dacht Sofie bij zichzelf. Het was nog een oude telefoon met een draaiwiel voor de nummers. Snel draaide ze het alarmnummer, de telefoon ging over.
´Tuut…..tuut…tuut…- Hallo met de alarmdienst, hoe kan ik u helpen?”
Sofie wilde net gaan spreken toen plotseling de verbinding werd afgekapt en de bureaulamp uit viel. Nadat de eerste verbazing was weggetrokken bij Sofie hoorde ze een knetterend geluid door de deuropening komen. Aan het einde van een lange donkere gang, net om de hoek zag ze gele en blauwe lichtflitsen. “Geweldig, vast een stoppenkast gesprongen in dit oude complex” Dacht Sofie bij zichzelf. Even dacht ze na, misschien viel de stoppenkast nog wel te repareren, na een ander complex toe lopen kostte haar zeker tien minuten en dan moest ze nog een werkende telefoon zoeken.
Snel liep Sofie door de donkere gang. Ze ging om het hoekje en zag daar de stoppenkast. Hoewel Sofie niets van elektrische apparaten af wist, was wel duidelijk dat deze stoppenkast niet meer te repareren viel. Ze zou terug moeten naar een ander pand om een werkende telefoon te vinden. Ze was net halverwege de duistere gang toen er een enorme explosie was. De vrachtwagen explodeerde, het hele gebouw trilde van de schokgolf en de ruimte voor haar vulde zich met vuur. Sofie werd door de schokgolf naar achteren gegooid. Even lag ze versuft op de grond en toen ze haar ogen open deed zag ze alles wazig. Ze meende even een figuur e zien, maar toen ze met de ogen knipperde en scherper begon te zien was het figuur verdwenen. Voorzichtig stond ze op, de weg naar buiten was geblokkeerd. Rondom haar heen waren geen directe ramen of deuren te zien die naar buiten leidde. Ze keek rondom haar heen. De stoppenkast was gestopt met vonken, maar er was nog steeds een beetje licht. Bij beter rondkijken zaten er hoog tegen de muur achter haar een paar hele kleine stoffige raampjes met ijzerwerk ervoor. Geen uitgang dus, maar genoeg licht voor wat te kunnen zien.
Sofie keek rondom haar heen en zag twee gangen die ze kon nemen. Een leidde rechtdoor voor een meter of 40 en zo te zien lagen er wat oude magazijnen langs. Aan het einde van de gang was een deur die waarschijnlijk naar buiten leidde. De tweede gang leidde langs wat vroeger een kantine leek te zijn geweest, wat kleine kantoortjes en een bergingkast. Aan het einde van deze tweede gang was een deuropening die naar een trappenhal liep. Sofie besloot om langs door de gang langs de magazijnen te lopen.
Het hele complex was gemaakt van beton en het meeste van de opvulling was waarschijnlijk weg gehaald toen het bedrijf weg trok of failliet ging. Sofie zag nog wel wat grote lege kisten staan met het woord ‘Mantagen’ erop wat waarschijnlijk de naam van het bedrijf was. Toen Sofie bij het einde van de gang was probeerde ze de deur te openen, maar de deur bleek op slot te zijn en was te stevig voor haar om open te breken. Tegen de muur zat nog een stoffig evacuatieplan met een kaart. Op de kaart stond een nooddeur in het aangrenzende magazijn. Sofie liep het magazijn in op zoek naar de deur. Wat grote met hout dicht getimmerde ramen in het magazijn lieten wat licht door. Sofie had de nooduitgang gevonden, maar er lag een hoop van kapotte kisten en metalen stellages voor waardoor de nooduitgang niet meer kan worden gebruikt. Nu onder de enige uitgangen onder bleken te zijn geblokkeerd besloot Sofie om naar de bovenverdieping te gaan. Via de andere gang liep ze langs de lege kantine naar en kantoortjes. Net voor de trappenhal was een kleine bergingruimte waar nog van alles lag. Sofie keek erin, schoonmaakspullen, stoflappen, een wap en een zaklamp. Sofie pakte de zaklamp, veegde het stof eraf en probeerde de zaklamp aan te zetten. De zaklamp weigerde eerst, slechts een paar flikkeringen. Sofie sloeg een paar keer met de zaklamp en plotseling ging de zaklamp aan.
Voorzichtig liep Sofie met de zaklamp het trappenhuis in. Door het stofwebben heen liep Sofie de trap omhoog naar de eerste verdieping. De deur lag uit zijn scharnieren en ze duwde de deur open. Op deze bovenruimte lagen voornamelijk kleine ruimte bedoelt voor kantoortje, alle ramen waren dicht gespijkerd. Toen zag ze een vreemde gloed uit een kantoortje komen aan het einde van de gang waar de gang over liep in een open ruimte. Toen ze bij het kantoor in de buurt kwam verdween het licht plotseling. Sofie liep voorzichtig het kantoor binnen en zag niets bijzonders, een oud leeg bureau. Toen ze wat beter keek zag ze wat uit een bureaulade steken. Ze maakte de lade open en zag er een document in liggen, het was een stoffige gele map waarvan gele kaft al verbleekt was. Op de gele map stond groot ‘Vertrouwelijk’, toen Sofie hem open klapte stond er bovenaan op het eerste papier ‘Project Nova’. Ze wilde verder lezen, maar ze hoorde buiten het kantoortje plotseling het geluid van metaal op beton. Ze nam de map mee en keek om de hoek, de open ruimte in en zag een metalen emmer over de grond rollen. Waarschijnlijk een muis dacht ze. Ze keek de open ruimte eens rond, maar zag niets special. Wel zag Sofie een nooddeur, ze liep er naartoe en duwde de deur open. Op het moment dat Sofie de deur dicht gooide hoor de gegiechel, ze draaide zich om, maar de deur was alweer gesloten.
Sofie ging via de lange maten noodtrap naar beneden, en merkte plotseling dat ze nog steeds de map met vertrouwelijke informatie bij zich had. Sofie was natuurlijk wel nieuwsgierig en liep naar haar fiets toe. Sofie pakte haar fiets en wilde wegfietsen maar bleef verbouwereerd staan. De vrachtwagen die ingereden was op het gebouw was compleet verdwenen!
Er was zelfs nog geen spoortje schade te zien aan het gebouw zelf en nergens een tekenen dat er ooit een vrachtwagen was geweest. Sofie wist niet wat er allemaal aan de hand was, maar het document bewees dat ze niet gek was. Ze had het gevoel dat ze op de vooravond was van een hoop bijzondere gebeurtenissen.
maandag 12 november 2007
Een vat olie voor bij de maïs
De olie stijgt naar recordhoogte, ongetwijfeld zullen veel mensen dit reeds hebben opgemerkt. De verwachting is dat binnenkort de magische grens van $100 word bereikt. De hoge inflatie van de dollar maakt het voor de olieboeren over de hele wereld onaantrekkelijk om in de olie te handelen en dat terwijl de bestaande olie steeds moeilijker te bereiken is. Tegelijkertijd kunnen de olieboeren niet overschakelen op de veel sterkere euro. Als dat word gedaan sterft de VS een snelle economische dood en neemt het de rest van de wereld mee in zijn kielzog. Dus daar zitten de olieboeren dan, met hun snel in waarde zakkende dollar, hun snel in waarde stijgende olie. De wereld moet het kopen maar de olieboer word nauwelijks rijker dan ze er al van zijn. Wellicht springt u nu van uw stoel af, biobrandstof, dat is de optie!
Wel, eigenlijk niet. Biobrandstof neemt 80-90% van de ‘schone’ brandstof op in de wereld en vorm 75% van de schone brandstof in Nederland. Het is de ‘groene’ energie waar ze de laatste tijd zoveel reclame voor maken. Maar nu komt het leuke van alles, biobrandstof is helemaal niet zo milieuvriendelijk. De verwerking van biologische grondstoffen zoals suikerriet en maïs worden voornamelijk gedaan in samenwerking met pesticide en vuile brandstoffen zoals olie en steenkool. Het resultaat is dat biobrandstoffen zogenaamd CO2-neutraal zijn. Dit is beter dan de vuile brandstoffen, het houd in dat er net zoveel CO2 word verkomen als gecreëerd tijdens het proces. Dus waarom is het dan niet goed voor ons?
Nou, veel van deze planten zijn ook hoofdverzorgers van onze voedselvoorraad. De mensheid groeit als kool en dit zal niet stoppen. Maar dankzij biobrandstof slinkt de voedselvoorraad. We betalen onze brandstof voor auto’s, mixers en sfeerverlichting met waardevolle brandstof bedoelt voor mensen. We kennen allemaal die foto’s van uitgemergelde kinderen uit Afrika, vaak veroorzaakt door wanbeleid en corruptie in diens landen. Persoonlijk walg ik van dergelijke exploiterende foto’s en als we biobrandstof op de huidige manier blijven toepassen dan zullen we alleen maar meer van dergelijke foto’s krijgen.
Maar er gebeurt tenminste iets Decennia lang reden we op vervuilende brandstof en of dit nu wel of niet voor een mogelijk broeikaseffect zorgen is eigenlijk van ondergeschikt belang. Dat het milieubelastend is eigenlijk al genoeg redenen om te innoveren, sterker nog innoveren is al genoeg redenen om te innoveren als je het mij vraagt. Er zijn zat uitwegen, zonne-energie en windenergie zijn leuke brandstoffen maar zullen slechts een fractie kunnen voorzien naar onze honger voor energie. Kernfusie is leuk, maar vooralsnog toekomstmuziek, zelfs met de nieuw te bouwen kernfusiecentrale in Frankrijk. Waterstof is in opkomst maar ook nog geen echte oplossing. Biobrandstof is mooi, maar tenzij we en manier vinden, via bijvoorbeeld genetische manipulatie, is dit geen echte optie. We kunnen geen mensenlevens inruilen voor luxelevens. We hebben dus nog geen echte oplossing en tot die tijd moeten we dus gewoon een vat olie bij de maïs nemen.
zondag 11 november 2007
Carnaval 2007-2008
Vannacht tijdens het uitgaan en dansen sloeg de klok de magische 00:00:01 en was het officieel de 11e van de 11e. Dat betekend dat hier in Limboland weer het Carnaval is begonnen en ik heb er zin in!
Ik moet alleen nog vrij krijgen en zien hoe ik het ga vieren. :P
Dus, zonder al te veel gezever:
ALAAF!!
ALAAF!!
ALAAF!!
dinsdag 2 oktober 2007
Verhaal: Nachtelijke overdenkingen
Peinzend overweegt de man wat hij verder nog zal schrijven. Hij staart voor zich uit en ziet de sneeuw buiten dwarrelen. De sneeuw valt geruisloos, slechts verlicht door de straatlampen. Er rijden geen auto's, er lopen geen mensen. De wereld slaapt en zou er geen sneeuw vallen zou zij stil lijken te staan.
De man denkt terug aan zijn jeugd, alle goede en slechte momenten. Al dat wat hij graag deed en de zaken waarvan hij spijt heeft ze niet te hebben gedaan. Hij denkt aan de eerste ontmoeting van zijn vrouw, de aankoop van hun eerste huis en de geboorte van hun kinderen. Hij denkt aan hoe zijn kinderen opgroeide en hoe hij stopte met werken. Even is hij bang voor de toekomst en twijfelt hij of hij nog wel dromen durft op te schrijven. Maar dan breekt de nacht, de wereld wordt wakker, de eerste stralen zon laten hun rode gloed zien over de daken. De man legt zijn pen neer, staat op en rekt zich uit. Deze nacht heeft hij niet veel over de toekomst geschreven, maar vandaag wordt er geleefd. Er is altijd een volgende nacht om over de toekomst te schrijven bij het nachtlicht.
Dit verhaal vind zijn inspratie in een lan-party hoe afgezaagd dit ook klinkt. Het was in het holst van de nacht en alles was bedekt onder sneeuw, geen auto te horen. Een herinnering die me tot de dag van vandaag nogsteeds levendig bij blijft.
Gedicht: De ontdekking van de echte waarheid
hij kijkt vluchtig om zich heen.
Hij weet zich met zijn kennis geen raad,
en ondanks alle mensen waand hij zich alleen.
Wat hij nu heeft geleerd moet iedereen weten!
Hij heeft ondekt wat de echte waarheid is.
Maar hij kan zijn ontdekking niet zeggen,
want het valt niet uit te leggen.
Het kan niet worden geschreven,
want dat kan geen goed beeld geven.
Hij heeft de ultieme waarheid ontdekt!
Maar het zit opgesloten in zijn geest.
Nu wanhoopt de man voor het leven,
want niemand kan zijn waarheid beleven.
Zijn ontdekking kan hem niet heugen,
want voor hem is al het andere nu een leugen.
Dit gedicht omvat een filosofisch probleem waar ik tijdens het overdenken op stuitte. Volgens wat (amateur) filosofen was het iig een interessante gedachte die erg aangreep. Probeer er maar uit te halen wat de filosofische gedachte erachter is.
Verhaal: Martin Verbeek - Afzender onbekend (Hoofdstuk 1)
12 Juni 2001, de dag die mijn leven veranderde. Ik herinner het mij nog als was het gisteren. Ik werd wakker, nog half slapend greep ik instinctief naar de afstandsbediening en zette kanaal 2 op de TV.
“Vannacht heeft de politie een inval gedaan bij het postorderbedrijf ‘Melkin en zoon’. Tijdens de inval werd directeur A. Melkin gearresteerd. Tevens werd een grote hoeveelheid cocaine in beslag genomen in een van de warenhuizen.” Zo galmde het door de boxen van mijn televisie. Dat was 6 jaar geleden. Plotseling zat ik zonder baan en zonder inkomen. Een jaar lang solliciteerde ik tevergeefs, nauwelijks een opleiding om van te spreken, te oud voor de doorsnee banen. Ergens tijdens het einde van het eerste jaar van werkloosheid verliet mijn vriendin me voor een ander. Ik kon verkassen naar een klein appartement ergens in een vervallen flat van de jaren zeventig. Mijn vrije tijd vulde ik op met steeds minder sollicitaties, drank, roken en kroegen bezoeken.
Nog in een roes van de kroeg wandel ik enigszins gedesoriënteerd naar de deur van mijn appartement. Nat van de regen duw ik met enige moeite de sleutel in het slot en weet ik de grauwe deur van mijn appartement open te krijgen. Moeizaam loop ik door het kleine halletje van mijn appartement en hang ik mijn grijze overjas aan een haakje aan de muur. Ik loop naar de koelkast en pak een biertje. De post van vanmorgen ligt nog ongeopend op de kamertafel. Ik pak de brieven en ga ze voorzichtig door. “rekening, rekening, aanmaning, u heeft 1 miljoen gewonnen!”. Weer geen echt belangrijk nieuws. Ik besluit de brieven maar op mijn bureau te gooien. Met een te harde worp vliegen de brieven over mijn oude bureau. Aangezien ik toch al genoeg moeite heb met mijn magere uitkering besluit ik de brieven maar meteen te pakken van achter mijn bureau. Het laatste wat ik kan gebruiken zijn nog meer aanmaningen. Ik schuif het bureau naar achteren toe en strek mijn arm uit naar de brieven die zich bevinden in de stofnesten van ettelijke jaren. Tot mijn verbazing liggen er niet vier, maar vijf brieven. Gefocust op de vijfde brief leg ik de overige vier brieven op mijn bureau. Ik plof neer op de bank en bekijk de envelop eens aandachtig. Het wit van de envelop is door de jaren heen beige geworden, het papier ruwer. Op de envelop staat geen afzender en een bijna onleesbaar adres.
In mijn verre geheugen begint mij te dagen dat ik op de laatste dag, toen het bedrijf gesloten werd mijn spullen mee had genomen. Op mijn afdeling maakten we er altijd een hobby van om niet verstuurde brieven alsnog proberen te verzenden of terug te brengen naar de verzenders. Deze envelop behoorde daar ook bij en zat waarschijnlijk in mijn oude werktas destijds.
Voorzichtig open ik de envelop en haal ik de brief eruit. Het is een simpele witte brief beschreven met zwarte inkt in een mooi handschrift. Zonder echte aanleiding besluit ik de brief te lezen;
Hoe gaat het met je?
Met ons gaat het goed. We hebben een geweldige tijd hier aan de zee. Kleine John heeft net leren lopen en staat constant met open mond te kijken naar de zee.
Het weer is schitterend, alleen maar zon en een licht zeebriesje. Over zes dagen komen we weer naar huis. Mark en ik nemen de kinderen nog mee naar Middelburg.
Als we terug komen van de vakantie zullen we je alle foto’s laten zien. Dat zal vast je vast en zeker helpen op te beuren na al die ellende.
Met vriendelijke Groet,
Marieke en Mark Koninkx en de kinderen.
Met mijn nog steeds natte overjas loop ik door de straat naar de snackbar. Het is minder hard gaan regenen, de straten zijn wat rustiger geworden. Het gele bord van de snackbar steekt in schril contrast af met de duistere sfeer die deze herfstavond met zich mee droeg. Zoals te verwachten viel is het niet druk in de snackbar. “Jopie, doe mij een bakkie friet met mayo en een frikadel! Doe er ook maar een biertje bij!”
Rustig zet ik me neer aan een wandtafel. “Zes jaar geleden alweer.” denk ik. De tijd is snel gegaan. Ik werkte iedere dag als koerier bij Melkin en zoon. Het leven was goed. Mijn vriendin Marloes en ik hadden net een nieuw huis gekocht en we waren van plan te gaan trouwen. Op het werk kon ik het altijd goed vinden met mijn collega’s. Nu was iedereen zijn eigen weg gegaan en de meeste collega’s wilden mij niet meer kennen. “Die schooier” denk ik over mijzelf. Na al die jaren laat het me allemaal nog niet los, de brief die ik had gevonden bewees dat wel.
- “Martin! Martin jongen, je bent nogal afwezig vandaag. Zit je wat dwars soms?”
De ruwe stem van Jopie rukte me uit mijn sombere gedachtegang. Ik kende Jopie al een lange tijd en ik herinnerde me hem altijd als een ietwat gezette frietboer. Altijd direct maar met het beste voor, maar zijn friet zou soms wat beter kunnen.
“Ach Jopie, je kent me toch.”
- “Weer aan het denken aan dat oude leventje van je? Dat krijg je echt niet terug op die manier, Martin.”
Ik slaak een lichte zucht;
“Je zult wel gelijk hebben Jopie. Ik vond vandaag een oude brief van mijn werk bij Melkin. Eentje zonder duidelijke afzender en een onleesbare bestemming.”
- “Weet je wat jij zou moeten doen, je zou er eens op uit moeten, Martin! Die brief is perfect daarvoor!”
“Hoe bedoel je Jopie?”
- “Geef nou toe Martin, het is niet alsof je wat te doen hebt. Je zit al jaren in hetzelfde ritme. Het wordt tijd dat jij er eens opuit gaat! Die brief kan je daarbij helpen. De mensen waar de brief voor bestemd is willen hem vast ontvangen.”
Even verwerp ik het idee. Op zoek gaan naar wildvreemden voor zomaar een brief. Maar Jopie heeft wel gelijk, ik volgde al jaren lang hetzelfde ritme volgen. Door de stad slenteren, de kroeg in, sollicitatiebrieven schrijven, nog een keer de kroeg in, avondeten bij de chinees of snackbar, een filmpje kijken en dan weer hetzelfde doen de dag erop.
“Je hebt gelijk Jopie!” Ik geef hem tien euro, sta op en loop de deur uit.
“Laat het wisselgeld maar zitten!” Schreeuw ik Jopie na.
Het is gestopt met regenen en de regenwolken zijn aan het breken. De donkerblauwe nazomer avondlucht valt te zien achter de wolken. Ik loop terug naar mijn flat en besluit de trap te nemen in plaats van de lift. Eenmaal boven gekomen ben ik echter moe en mijn knieën voelen zeer aan, misschien ben ik toch wat te enthousiast. Moeizaam plof ik met de brief in mijn handen op de bank. Ik haat de stilte in mijn kamer dus zet ik de televisie aan op een willekeurige zender.
Ik kijk naar de brief; “Niet veel om mee te werken” Maar er waren wel twee volledige namen; Marieke en Mark Koninkx. Dat moet genoeg zijn om mee te werken. Maar voor vanavond was het wel welletjes geweest. Ik besluit de rest van de avond te kijken naar de zoveelste herhaling van Die Hard 2.
Wederom een verhaal van de dag en deze keer een stuk langer verhaal. Het is het eerste hoofdstuk van een mysterie. Het bevat nog wat kleine schoonheidsfoutjes in het plot maar is naar mijn mening aardig gelukt. Hoofdstuk 2 zit al een tijdje in de oven omdat ik het hoofdstuk niet doodsaai wil maken voor de lezer.
Verhaal: Magie - Aarde
Voorzichtig strijkt de man met zijn dikke vingers over de rotswand op zoek naar een zwak punt. Zachtjes en onverstaanbaar mompelt hij tegen zichzelf. Dan gaat hij snel terug met zijn vingers over een bepaalde plek op de rotswand en wrijft er voorzichtig een paar keer overheen. Instemmend knikt hij en legt zijn beide handen vlak op de plek. Hij verheft zijn stem en buldert de woorden “Silex Quasso”.
Terwijl de woorden nog echoën tussen de rotsen begint de grond hevig te beven. Het oorverdovende geknars van rotsen vervult de omgeving en de rotswand begint langzaam te splijten. Eerst een paar kleine scheuren op de plek waarde man zijn handen had gelegd, en dan steeds meer. Ze verspreiden zijn naar de boven en onderkant van de rotswand en drijven uiteindelijk de hele rotswand uit elkaar. Na een paar minuten houd het oorverdovende geluid op en als het stof en de rook zijn opgetrokken is er een passage zichtbaar geworden tussen de hoge rotswanden. Aan het einde van deze nieuwe weg schijnt fel het zonlicht. De man kijkt tevreden, maar net als hij wilt beginnen te lopen hoort hij in de verte het geluid van rotsen die tegen elkaar wrijven. Een enorm silhouet blokkeert opeens het zonlicht. Dan begint de silhouet te lopen, iedere stap gaat gepaard met een enorme dreun en het losraken van zand en steentjes in de rotswanden. Stap na stap komt het gestalte dichterbij en als hij dichtbij genoeg is kan de man herkennen wat het is, een rotsgolem.
Het stenen monster is kolossaal en in zijn grijze rotsen staan eeuwen oude runen gegraveerd die rood opgloeien. De golem pakt een zwaar rotsblok op en tilt hem met twee handen boven zijn hoofd. Met schijnbaar het grootste gemak gooit hij het rotsblok naar de man toe die nog net met al zijn kracht het pad kan van de steen kan veranderen. Uit evenwicht gebracht valt de man op de grond, maar tijd om te rusten heeft hij niet. Opnieuw pakt de golem een rotsblok op, maar net als hij het boven zijn hoofd heeft legt de man zijn handen vlak op de grond en mompelt wat woorden. Alles begint te beven, de golem raakt uit evenwicht en het rotsblok valt bovenop hem. Dan storten de rotswanden in en bedelven de golem onder tientallen meters gesteente.
Het wordt stil in de vallei en als het stof is opgetrokken slaakt de man een diepe zucht en schud zijn hoofd langzaam heen en weer. Achteraf had hij beter een andere route kunnen nemen, want het pad voor hem is weer geblokkeerd geraakt met tientallen meters rotsen.
Vervolg op Lucht, maar helaas mist het aan impact imo.
Verhaal: Magie - Lucht
Een plotselinge windvlaag tart de oude man en even lijkt hij te moeten wijken voor de wind. Maar dan slaat hij hard met de voet van zijn kronkelende houten staf. Standvastig mompelt hij "Niet vandaag god van de wind!".De man houdt zijn staf omhoog, zijn grauw blauwe ogen fonkelen en hij roept uit "Ventus quasso". De wind begint fel te tollen en rukt alles rondom zich heen. De man die zich ontpopt als een magiër van de lucht weet zich met moeite overeind te houden. De bomen in de vallei diep onder hem beginnen wild te zwiepen door de kracht van de wind, zelfs de grauwe wolken tollen wild door elkaar. Lawines van sneeuw en rotsen worden los gewrikt door de chaotische storm en donderen hard naar beneden vergezeld door het geluid van bomen die breken als twijgjes.
De magiër herstelt zich en kalmeert de wind. Even verzinkt hij in herinneringen aan zijn eerste dagen als jonge leerling onder les van een andere oude magiër. Hij herinnert zich de wijze woorden van zijn meester nog goed;"Probeer niet de wind te dwingen in zijn weg. Probeer de wind te begrijpen en te verleiden jouw pad te kiezen."
De oude magiër begint te glimlachen en uiteindelijk buldert zijn lach over de gehele vallei. Versteld en geamuseerd van zijn beginnersfout mompelt hij tegen zichzelf dat hij wel oud moet zijn als hij zoiets vergeet.
Dan concentreert hij zich nogmaals op de wind. Hij voelt de wind en zijn gaan. Hij voelt hoe de wind tegen de bergen en tegen de bomen botst. Hoe de wind als het ware door de valleien wordt geperst en omhoog wordt gedrukt. De wind heeft geen keus. De wind wil vrij zijn maar wordt gedwongen een vast pad te kiezen. Dan richt de magiër zich naar de grote hoogte ver boven de bergtoppen. Met grote kracht waait daar de wind, zachtjes en voorzichtig leid hij de wind van de vallei naar de grote hoogte. Hoger en hoger, door de wolken heen die mee worden gevoerd in de stroming. Helemaal tot bij de hoogste luchtstromen.
De wolken zijn verdwenen en de zon schijnt in zijn volle glorie op de besneeuwde bergtoppen. De oude man haalt even adem en gaat met zijn stok rustig op een nabije rots zitten. Hij kijkt om zich heen naar de bergtoppen die fonkelen door de sneeuw, slaakt een diepe zucht en zegt;"Zo, en nu moet ik nog de berg afdalen."
Dit verhaal was verhaal van de dag op de site en werd aardig positief ontvangen. De laatste zin is overigens een beetje opzettelijk afbraak aan het verhaal. Ik ben goed in fantasy schrijven, maar eigenlijk spreekt het me niet aan omdat ik altijd het gevoel heb geschreven zaken te herschrijven in eigen woorden.
Verhaal: Handel in moord (Intro)
Eenmaal boven aangekomen trekt hij snel de enterhaak met touw op en stopt hem terug in zijn zak. Het figuur kijkt om zich heen en slaakt dan een lichte zucht van opluchting. Dan trekt het figuur zijn masker af.. Een smal gezicht voorzien van duistere ogen en zwarte haren wordt zichtbaar. De man loopt naar een schuifdeur, hij maakt de deur open een reeks kleren worden zichtbaar. Helemaal achterdoor in de kast ligt een uniform van de bewakers. De man pakt het uniform en kleed zich snel om. Zijn eigen kleren stopt hij in de zwarte zak en stopt deze weg in de kast. Dan maakt hij de kamerdeur open en kijkt voorzichtig naar links en naar rechts; Niemand te zien. Hij herinnert zich de aanwijzingen die hij heeft gekregen; De gang door, rechtsaf, twee trappen op en dan rechtdoor blijven lopen en de op een na laatste deur nemen.
Rustig loop de man door de gang, als hij bij de trappen aan komt wacht zijn eerste beproeving, een bewaker. Rustig en met een simpele begroeting loopt gaat hij de trap op, geen problemen. Eenmaal aangekomen op de juiste verdieping loopt hij de gang door. Als hij bij de op een na laatste deur staat kijkt hij om zich heen. Even wacht hij tot een bediende de hoek om gaat en uit beeld verdwijnt, vervolgens luistert hij voorzichtig aan de deur. Geen geluid te horen. Hij maakt de deur voorzichtig open en sluipt de kamer in. In het midden van de kamer ligt een westers uitziende man te slapen op een futon, een traditioneel Japans bed. De indringer loopt er op af en pakt een Wakazashi. In een handomdraai legt hij zijn linker hand op de mond van de man en snijd zijn keel door. De ogen van de man staan even van paniek vol open en het lichaam spartelt wat, maar uiteindelijk stoppen alle tekens van leven. De indringer maakt zijn Wakazashi schoon en luistert voordat hij de deur open nog even of er iemand in de gang is. Vervolgens begeeft hij zich rustig terug naar de kamer waar hij het Edo Kasteel was binnen gekomen. Eenmaal terug in zijn oude uniform begeeft hij zich naar hetzelfde raam, kijkt voorzichtig rond en daalt af aan een touw. Vervolgens sluipt hij van het terrein af. Zijn werk zit erop en zijn opdrachtgevers zullen tevreden zijn.
Zoals wel vaker bij mij gebeurt heb ik een intro geschreven voor een verhaal en dit vervolgens erbij gelaten. In dit geval zat research me dwars en door mijn drukke leven als loonslaaf ( ;) ) was het niet practisch om verder onderzoek te doen hiernaar.
