Posts tonen met het label Magie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Magie. Alle posts tonen

dinsdag 2 oktober 2007

Verhaal: Magie - Aarde

Het is al wat later in de ochtend als een al wat oudere en gezette man bij het uiteinde van een rotsachtige vallei komt. Hij loopt langzaam naar de wand toe op zijn oude sandalen en in zijn versleten kleding. Zijn groene broek en vest steken af bij zijn huid die zo bruin is als de aarde zelf. Rondom hem is het uiteinde van de vallei als een tientallen meters hoge stenen muur die minstens een paar honderd meter dik is.
Voorzichtig strijkt de man met zijn dikke vingers over de rotswand op zoek naar een zwak punt. Zachtjes en onverstaanbaar mompelt hij tegen zichzelf. Dan gaat hij snel terug met zijn vingers over een bepaalde plek op de rotswand en wrijft er voorzichtig een paar keer overheen. Instemmend knikt hij en legt zijn beide handen vlak op de plek. Hij verheft zijn stem en buldert de woorden “Silex Quasso”.

Terwijl de woorden nog echoën tussen de rotsen begint de grond hevig te beven. Het oorverdovende geknars van rotsen vervult de omgeving en de rotswand begint langzaam te splijten. Eerst een paar kleine scheuren op de plek waarde man zijn handen had gelegd, en dan steeds meer. Ze verspreiden zijn naar de boven en onderkant van de rotswand en drijven uiteindelijk de hele rotswand uit elkaar. Na een paar minuten houd het oorverdovende geluid op en als het stof en de rook zijn opgetrokken is er een passage zichtbaar geworden tussen de hoge rotswanden. Aan het einde van deze nieuwe weg schijnt fel het zonlicht. De man kijkt tevreden, maar net als hij wilt beginnen te lopen hoort hij in de verte het geluid van rotsen die tegen elkaar wrijven. Een enorm silhouet blokkeert opeens het zonlicht. Dan begint de silhouet te lopen, iedere stap gaat gepaard met een enorme dreun en het losraken van zand en steentjes in de rotswanden. Stap na stap komt het gestalte dichterbij en als hij dichtbij genoeg is kan de man herkennen wat het is, een rotsgolem.
Het stenen monster is kolossaal en in zijn grijze rotsen staan eeuwen oude runen gegraveerd die rood opgloeien. De golem pakt een zwaar rotsblok op en tilt hem met twee handen boven zijn hoofd. Met schijnbaar het grootste gemak gooit hij het rotsblok naar de man toe die nog net met al zijn kracht het pad kan van de steen kan veranderen. Uit evenwicht gebracht valt de man op de grond, maar tijd om te rusten heeft hij niet. Opnieuw pakt de golem een rotsblok op, maar net als hij het boven zijn hoofd heeft legt de man zijn handen vlak op de grond en mompelt wat woorden. Alles begint te beven, de golem raakt uit evenwicht en het rotsblok valt bovenop hem. Dan storten de rotswanden in en bedelven de golem onder tientallen meters gesteente.

Het wordt stil in de vallei en als het stof is opgetrokken slaakt de man een diepe zucht en schud zijn hoofd langzaam heen en weer. Achteraf had hij beter een andere route kunnen nemen, want het pad voor hem is weer geblokkeerd geraakt met tientallen meters rotsen.

Vervolg op Lucht, maar helaas mist het aan impact imo.

Verhaal: Magie - Lucht

Hoog op een ruwe berg welke in eeuwige sneeuw is gehuld staat een oude man. Zijn gezicht voorzien van grauwe haren en een lange warrige baard. Zijn rimpelige huid hard en stijf van de kou, zijn linnen mantel in gevecht met de straffe wind.

Een plotselinge windvlaag tart de oude man en even lijkt hij te moeten wijken voor de wind. Maar dan slaat hij hard met de voet van zijn kronkelende houten staf. Standvastig mompelt hij "Niet vandaag god van de wind!".De man houdt zijn staf omhoog, zijn grauw blauwe ogen fonkelen en hij roept uit "Ventus quasso". De wind begint fel te tollen en rukt alles rondom zich heen. De man die zich ontpopt als een magiër van de lucht weet zich met moeite overeind te houden. De bomen in de vallei diep onder hem beginnen wild te zwiepen door de kracht van de wind, zelfs de grauwe wolken tollen wild door elkaar. Lawines van sneeuw en rotsen worden los gewrikt door de chaotische storm en donderen hard naar beneden vergezeld door het geluid van bomen die breken als twijgjes.

De magiër herstelt zich en kalmeert de wind. Even verzinkt hij in herinneringen aan zijn eerste dagen als jonge leerling onder les van een andere oude magiër. Hij herinnert zich de wijze woorden van zijn meester nog goed;"Probeer niet de wind te dwingen in zijn weg. Probeer de wind te begrijpen en te verleiden jouw pad te kiezen."
De oude magiër begint te glimlachen en uiteindelijk buldert zijn lach over de gehele vallei. Versteld en geamuseerd van zijn beginnersfout mompelt hij tegen zichzelf dat hij wel oud moet zijn als hij zoiets vergeet.

Dan concentreert hij zich nogmaals op de wind. Hij voelt de wind en zijn gaan. Hij voelt hoe de wind tegen de bergen en tegen de bomen botst. Hoe de wind als het ware door de valleien wordt geperst en omhoog wordt gedrukt. De wind heeft geen keus. De wind wil vrij zijn maar wordt gedwongen een vast pad te kiezen. Dan richt de magiër zich naar de grote hoogte ver boven de bergtoppen. Met grote kracht waait daar de wind, zachtjes en voorzichtig leid hij de wind van de vallei naar de grote hoogte. Hoger en hoger, door de wolken heen die mee worden gevoerd in de stroming. Helemaal tot bij de hoogste luchtstromen.
De wolken zijn verdwenen en de zon schijnt in zijn volle glorie op de besneeuwde bergtoppen. De oude man haalt even adem en gaat met zijn stok rustig op een nabije rots zitten. Hij kijkt om zich heen naar de bergtoppen die fonkelen door de sneeuw, slaakt een diepe zucht en zegt;"Zo, en nu moet ik nog de berg afdalen."

Dit verhaal was verhaal van de dag op de site en werd aardig positief ontvangen. De laatste zin is overigens een beetje opzettelijk afbraak aan het verhaal. Ik ben goed in fantasy schrijven, maar eigenlijk spreekt het me niet aan omdat ik altijd het gevoel heb geschreven zaken te herschrijven in eigen woorden.